(Levens)Verhalen

» Allemaal zien     «Vorige «1 ... 2 3 4 5 6     » Dia Voorstelling

Steven Grijsenhout (1700) en Lijsbet Pauck (1700)



Op zoek naar het verleden van de familie Grijzenhout in Nederland, vinden we in de afschriften van de stadstrouwboeken 1701 - 1740 te Schiedam de namen van de "eerste" Grijzenhouten; Hendrik Grijsenhout en Steeven Grijsenhout, Jonge man uit Munsterland.

Ondertrouw 12 oktober 1726: 
 
 Steeven Grijsenhout, Jonge man, geboortig uit Munsterland, geassisteerd met Hendrik Grijsenhout zijn broeder
                    ende
 Lijsbet Pook, Jonge dochter, van Beekum geassisteerd met Cornelia Coster haer behoud zuster
 
 gehuwd opt stadhuis 27 october 1726.
 
Wanneer we het Munsterland tegenwoordig bezoeken, zien we veel akkerbouw en veeteelt.
Bovendien telt het gebied talrijke mooie waterburchten. De industrie omvat er tegenwoordig in hoofdzaak textiel- en cementfabrieken. Het gebied was rond 1700 niet welvarend, dit in tegenstelling tot het toen rijke Holland. Deze tegenstelling veroorzaakte ware volksverhuizing. Veel mensen trokken rond 1720 uit het westen van Duitsland naar de Nederlanden. Onder de eerste stroom immigranten vinden we niet alleen Hendrik Grijsenhout en zijn broer Steeven, maar ook Bernardus Pauck en zijn zuster Elisabet en Hendrik van Reeken. Al deze mensen spelen een rol in deze familie geschiedenis. 
 
Kerk te BeckumHet was in de zeventiende en achttiende eeuw niet ongebruikelijk een nieuw geborene te vernoemen naar de kerk die de naam van een heilige droeg. Waarschijnlijk heeft Steeven (of Stephen) Grijsenhout zijn naam te danken aan dezelfde heilige naar wie de kerk in zijn geboorteplaats Bork vernoemd is. In Bork/Cappenberg vinden we nog mensen met de achternamen “Grieseholt” en “Grisenholt” en waarschijnlijk zijn dit verre familieleden.  
 

Op zoek naar meer achtergronden bij de familiegeschiedenis reisden Frans en Ann met hun zonen Barend en Franc tijdens een zomervakantie in 1980 naar Beckum in Duitsland. Zij vonden in het archief van de St. Stephanuskirche in Beckum (foto links) geen enkele verwijzing naar de naam Grijsenhout, maar zij vonden wel een andere belangrijke aanwijzing: in de archiefstukken van de kerk lazen zij dat op 25 december 1697 Bernardus Pauck gedoopt werd. Deze naam waren zij al eerder tegengekomen in de trouwboeken in Schiedam, waar Bernardus Pauck terug te vinden is als Barent Pook “Jonge man geboortig van Beekum int
Munsterland”, die in ondertrouw gaat met de achttien jarige Cornelia Christina Costers “Jonge Dochter van Schiedam”. Dit paar verschijnt 13 juli 1724 “opt Stadhuis”. 
 
In hetzelfde archief van de St. Stephanuskirche te Beckum waar we Bernardus Pauck vonden, kunnen we lezen dat op 24 januari 1700 Elisabet Pauck gedoopt werd. Samen met haar broer Bernardus trok zij begin achttiende eeuw naar Schiedam. Ze waren nog jong toen zij de reis van Munsterland naar Schiedam maakten. Die reis was beslist niet makkelijk en voerde over bochtige wegen via dorpen en binnenwegen naar het westen. De onbestrate wegen waren doorploegd van karresporen, drassig en smal. Het meest gebruikte vervoermiddel in die tijd was de trekschuit. Een kort tochtje met de trekschuit werd als niet onplezierig ervaren. In 1728 dichtte G. Tysens: 
 
Wie kan de vinding van de Trekschuit ooit waardeeren? 
Men reist als zat men thuis, geen schokken, draaijen, keren, 
Ontrust het lichaam, ‘t zij men vaart bij dag of nagt, 
Men vindt al slapende zig op de plaats gebracht. 

 
En Claes Bruin schreef in “Zegepralende Vechtstroom”:
 
De jaagschuit, volgepropt met menschen,
Bruist voor ons henen: Wat gemak.
kan iemand meer in ‘t reizen wenschen!
Om dus, als was hij onder dak,
Al slaapende zijn tocht te spoeden,
Dit voorrecht heeft ons Vaderland!
 
Het is echter zeer de vraag of de familie Pauck van dit vervoermiddel gebruik maakte, want het was niet goedkoop. Met de trekschuit reisde men niet alleen door het gehele land, maar er werden ook plezierreisjes mee gemaakt. Het kwam in die tijd vaak voor dat een bruid en bruidegom met een met vlag en wimpels versierde trekschuit over het water naar de kerk voeren om er te trouwen en zo was de trekschuit het vermaarde huwelijksbootje.

De plaats waar Bernardus Pauck en zijn zus Elisabeth na een lange voettocht uiteindelijk terecht kwamen was Schiedam. In die stad was vanaf het einde van de zeventiende eeuw de moutindustrie de belangrijkste bron van bestaan, waardoor reeds in 1720 een, zij het langzame, immigratie van gastarbeiders plaats vond naar deze plaats. Bernardus Pauck, zijn zus Elisabet én de broers Hendrik en Steven Grijsenhout bevonden zich zeker bij een van de eerste immigranten. Zij hadden hun onwelvarende geboorteland verlaten en beproefden hun geluk in het rijke Holland. Zij zochten hun heil in de brandersindustrie. De huisjes van de "brandersknechten” omvatte in die tijd niet meer dan een kamer met een vloer van aangestampte aarde en een zoldertje. 
 
Steeven en zijn vrouw Elisabet Pauck (die nu Lijsbet Pook genoemd wordt) gaven hun eerst geborene de naam van Steeven’s broer: Henricus. Hun oudste zoon werd geboren op 18 maart 1728. Getuigen waren de oom en tante: Hendrik Grijsenhout en Aghtie Willems. Zijn jongere broertje Bernardus werd Rooms Katholiek gedoopt op 2 april 1730. Getuigen bij deze doop waren Barent Poeck (waarschijnlijk Bernardus Pauck) en Joanna van der Valck. 

Steeven overleed op 8 september 1731 bij de Overschiesepoort in Schiedam. Hij liet twee jonge kinderen achter. Henricus was ruim drie-en-een-half jaar oud en zijn broertje Bernardus nog maar achttien maanden. Hoe hun moeder Lijsbet Pook het met deze kinderen gered heeft zullen we nooit te weten komen. Vast staat dat zij veel hulp moet hebben gekregen van haar broer Bernardus Pauck en zijn vrouw Cornelia Coster én van het Schiedamse gezin Hoomans. Het gezin Hoomans bestond uit vader Joost Hoomans en moeder Anna van der Valck en vele dochters. Anna van der Valck was getuige bij de geboorte van de oudste zoon van Steeven en Lijsbet. Dat zij later de schoonmoeder van dit kind én van het jongere broertje zou worden kon toen nog niemand weten. 
 
23 September 1752 is een blijde dag voor de moeders Lijsbet Pook, weduwe van Steeven Grijsenhout, en Anna van der Valck, weduwe van Joost Hoomans. Hun kinderen Henricus Grijsenhout en Annetje Hoomans gaan in ondertrouw en een paar maanden later wordt het eerste kleinkind geboren: een jongen. Hij wordt op 6 februari 1753 gedoopt en krijgt de naam van zijn grootvader: Stephanus. Henricus Grijsenhout en Annetje Hoomans laten hun eerste vijf kinderen dopen in de Rooms Katholieke kerk. Het zesde kind (Hendrik) wordt op 14 september 1763 in een Hervormde kerk gedoopt, maar blijft niet lang leven. Na een dochter (Anna), wordt tenslotte op 26 juli 1768 de laatste zoon geboren. Zij noemen hem weer Hendrik en hij wordt eveneens gedoopt in de Hervormde kerk.
 
Acht jaar na het huwelijk van Henricus en Annetje is er weer zo’n blijde dag voor de moeders Lijsbet Pook en Anna van der Valck. Dit keer gaan hun kinderen Bernardus Grijsenhout en Catharina Hoomans op 25 oktober 1760 in Schiedam in ondertrouw. Bernardus wordt in de klapper op de registers “van Ondertrouw en Trouw Kath.” overigens Barent of Barend Grijsenhout genoemd. Het huwelijk van Barent Grijsenhout en Catharina Hoomans vindt 9 november 1760 plaats “op’t standhuis”. Op 10 september 1761 wordt uit dit huwelijk een zoon geboren en hij krijgt de naam van zijn overleden grootvader Stephanus. Helaas sterft dit kind als het nog geen twee jaar oud is. De tweede zoon van Bernardus en Catharina wordt op 17 februari 1764 geboren en zij noemen hem Martinus. Daarna wordt het gezin uitgebreid met nog een zoon (Bernardus), die geboren werd in Groot-Ammers en twee dochters (Cornelia en Elisabetha), die beide in Schiedam ter wereld kwamen. Barent en Catharina Grijsenhout blijven hun hele leven in Schiedam wonen. Als Barent in het jaar 1800 overlijdt, staat in de overlijdensacte vermeld dat hij woonde op de “Verbrande Erve”. Dat is ook het laatste adres van Catharina, die in 1805 sterft. 


Verbonden metGezin: Grijsenhout/Pauck (F000003)

» Allemaal zien     «Vorige «1 ... 2 3 4 5 6     » Dia Voorstelling